Nieuws:101015 Colo Betancourt

Uit EdwinKoopman

Ga naar: navigatie, zoeken

"Ik had die collectieve haat niet verwacht"

vrijdag 15 oktober 2010

Hoe lang ze het nog zou hebben volgehouden? “Die vraag stel ik mezelf ook heel vaak,” zegt Ingrid Betancourt. Ruim zes jaar lang werd de Frans-Colombiaanse politica vastgehouden door de Colombiaanse guerrillabeweging FARC. De ontberingen waren extreem, fysiek meer ook mentaal; de afstand tot haar moeder en haar kinderen, de dood van haar vader, de mensonterende behandeling door de guerrillero’s, en de uitzichtloosheid van een leven tussen insecten op honderden kilometers van de bewoonde wereld, vastgebonden aan een boom.

IMG 2115x.JPG
 Ingrid Betancourt met haar boek

ColombiaNeeIMG 2115x.JPGIngrid Betancourt met haar boek2010/10/15

De 48-jarige Betancourt toont vermoeid. Haar juist verschenen boek “Zelfs aan de stilte komt een eind”, een lijvig verslag van haar gevangenschap in de groene hel, is nog maar het begin van de verwerking van jarenlange vernedering, maar ook een integere poging om eindelijk haar eigen verhaal te vertellen, na alle kritiek die ze kreeg van lotgenoten die haar voorgingen met een relaas.

“Ik ben dubbel gekwetst,” zegt Betancourt: “Door de ontvoering zelf maar ook door de reactie van de Colombianen.” De gijzeling kwam totaal onverwacht. Toen ze in april 2002 door de FARC van de weg werd geplukt had ze juist met commandanten een gesprek gehad over het conflict. De toenmalige presidentskandidate smeekte hen te stoppen met ontvoeringen – en werd prompt zelf meegenomen.

“Ik dacht dat het een foutje was. Ik kon me niet voorstellen dat mensen met wie je aan een tafel had zitten praten je de dag erna ontvoeren.” Bovendien bewonderde Betancourt de FARC. “Ik ben van een generatie die Che Guevara zag als de romantische guerrillero die vecht voor de armen. Ik zag de FARC als een noodzaak voor Colombia om de rechten van bezitlozen op te eisen.” Ze kenden de gruwelijkheden wel maar zag het als een deel van de oorlog. “Colombianen lijden aan ongevoeligheid voor het lijden van anderen. Ik was er daar een van. Maar wat ik zag was een desillusie. De FARC bleken geen revolutionairen te zijn maar een militaire organisatie van drugshandelaars. En daarmee hebben ze hun bestaansrecht verloren. Ze zullen ook nooit gaan onderhandelen, want ze hebben belang bij de status-quo.”

Minstens zo teleurgesteld is Betancourt door de rest van haar landgenoten. “Toen ik werd ontvoerd reageerde het land nauwelijks. Ik voelde me verlaten en werd bovendien aangevallen. De regering zei dat ik het zelf had gewild en ik kon me niet verdedigen.” De spectaculaire reddingsactie van het Colombiaanse leger waarmee Betancourt ruim twee jaar geleden werd bevrijd heeft dat niet gecompenseerd. “Het was een moment van harmonie met Colombia. Maar ik heb gemerkt dat de politieke klasse er bang is dat ik terugkeer. Ze zijn geobsedeerd om me tegen te houden.”

Een officieel verzoek voor smartengeld – 6,8 miljoen dollar – bij de Colombiaanse staat markeerde de definitieve breuk met haar land. Volgens Betancourt is er sprake van kwade opzet. “Iedereen doet zo’n verzoek. Er is een wet voor. Maar toen ik het deed veranderde de regering het in een schandaal en zei: ‘Hoe kan ze genoegdoening vragen als ze zich zelf liet ontvoeren?’”

Terwijl Betancourt in Europa een symbool is van verzet, spreekt in Colombia vrijwel niemand meer positief over haar. “Ik had dat niet verwacht, die uiting van collectieve haat. Het is verbijsterend en beangstigend om te zien dat dit Colombia is. Het is een ziek land, een land zonder medelijden, getraumatiseerd door het geweld. Slachtoffers worden er gecriminaliseerd. Een vrouw wordt verkracht en ze zeggen: ze heeft het uitgelokt. Dat is schizofreen!” zegt Betancourt met stemverheffing. “En ik kan me nog verdedigen, hier in Europa, en zeggen wat ik denk. Maar wat kunnen die duizenden Colombianen wiens moeder ze vermoorden, wiens kinderen ze verkrachten, wiens vader ze vierendelen!”

Momenteel woont Betancourt in Frankrijk, een land dat jarenlang heeft geijverd om haar vrij te krijgen. Ooit zal ze misschien de kracht hebben om naar Colombia terug te keren, maar niet nu. “Ik ben er nog niet klaar voor. Bovendien, in Colombia zijn betekent ook dat je moet zorgen voor beveiliging, met alle stress en angst die daarmee gepaard gaat. Ik wil met rust gelaten worden.”

Ingrid Betancourt, Zelfs aan de stilte komt een eind (Uitgeverij Balans). ISBN: 978 94 600 3232 5 (Prijs €19,95).

Luister ook: Campagne zonder kandidaat (VPRO 2002)

Weergaven
Persoonlijke instellingen

Standplaats Edwin

De tijd in...

Amsterdam

  

Mexico City

  

Buenos Aires