InterneFAQ:Afstandsgrafiek stank veehouderij
Uit Milieuhulp
| Forumoverzicht Geen discussies lopend
|
|
|
|
Organisatie: Trekker: Meeschrijver:
Laatste update:
Subthema: Onderwerp onder subthema:
Locatie:
Natuurgebied:
Waardering:
|
In de Richtlijn Veehouderij en Stankhinder 1996 treft u een afstandsgrafiek aan voor het berekenen van stank (bijlage 3).
In de afstandsgrafiek staat op de horizontale as het aantal mestvarkeneenheden. De verticale as geeft de minimale afstand weer ten opzichte van een bepaalde categorie van stankgevoeligheid.
Voor de categorieën I en II geldt altijd een minimale afstand van 100 meter, voor de categorieën III en IV een minimale afstand van 50 meter.
Indien er in een veehouderij zowel rundvee (vaste afstand) als diercategorieën met een omrekenfactor (bijvoorbeeld kippen) aanwezig zijn, wordt de afstand voor beide apart beoordeeld. De afstand voor rundvee wordt bepaald vanuit het dichtstbijzijnde emissiepunt in de rundveestal.
Voor de andere dieren wordt deze vastgesteld vanuit het dichtstbijzijnde emissiepunt in de stallen van deze dieren. (E03.94.1610).
Tip Om de afstandsgrafiek toe te passen kunt u de Richtlijn Veehouderij en Stankhinder 1996 inzien http://www.infomil.nl/ Informatiecentrum Milieuvergunningen] (klik op 'overige', dan op 'landbouw' en dan op stank). De afstandsgrafiek bevindt zich in de bijlage 3 van de Richtlijn.





